We streven naar 6 “werkbare klasklimaten” ( pedagogische eenheden) op basis van:
- ontwikkelingsniveau (aanbod)
- gezamenlijke zorgvraag (aanpak)
- sociaal-emotioneel welbevinden
Mogelijke accenten voor indeling in klasklimaten
Jonge leerlingen
- Basisveiligheid – vertrouwen
- Experimenteren
- Zindelijkheidstraining
- Kleutervaardigheden
- Uitlokken taal en communicatie
Basale werking
- Basisveiligheid
- Basale stimulatie – snoezelen
- Genieten van zintuiglijke prikkels
- Durven experimenteren
- Zelfredzaamheid
Praktische leergroepen
- Bevorderen zelfstandigheid en zelfredzaamheid
- Communicatie (aangepast per kind)
- Aangepast spelgedrag
- Stimuleren van groepsgevoel – aanleren sociale vaardigheden
- Schoolse vaardigheden: lezen, rekenen, schrijven (functioneel)
Auti- aanpak
- Nood aan voorspelbaarheid, veiligheid en structuur
- Visualisatie: bv: individueel dagschema
- Bevorderen zelfstandigheid en zelfredzaamheid
- Communicatiemiddel per kind
- Aangepast spelgedrag
- Stimuleren van groepsgevoel – aanleren sociale vaardigheden
- Leerstof aangepast aan autisme, eventueel met gebruik van (individuele ) werkhoeken
Hoe gaan we hiervoor te werk ?
Bij opstart :
Vanuit de info van ouders (intake) en vragenlijsten (ouders/ de vorige school), of uit eigen info bekijken we samen (met het paramedisch team) wat de noden zijn om tot leren te komen en welk klasklimaat hiervoor geschikt zou zijn.
Later :
Voor gekende leerlingen bespreken we op de laatste klassenraad waar de leerling nood aan heeft volgend schooljaar, welke focus er gelegd zal worden of er al dan niet een mogelijkheid tot integratie is in een andere pedagogische eenheid.
In de beeldvorming wordt ook de aanpak en de aanpassingen beschreven.
